Vrijwilligers aan het woord

Zonder de 500 vrijwilligers zou De Kindertelefoon niet kunnen bestaan. Zonder hen is er geen ‘luisterend oor’. Alle vrijwilligers van De Kindertelefoon hebben een eigen verhaal. Ieder heeft een persoonlijke motivatie om bij De Kindertelefoon te werken. Op deze pagina lees je verhalen van verschillende vrijwilligers.

  Een kind belt en is bang om te blijven zitten. Hoe zouden zijn ouders reageren? En raakt hij dan al zijn vrienden kwijt? Janny (67), vrijwilliger bij De Kindertelefoon in Rotterdam, luistert geduldig. Ze vraagt door, leeft mee. Net zo lang tot het kind aan de andere kant van de lijn zich geruster voelt. Na haar dienst is ook Janny blij. ,,Als ik maar één kind een stapje verder kan helpen, voel ik me al nuttig.”
Lees hier het verhaal van Janny. 
,,Kindertelefoon, bestaat die nog?”, krijgt Marije Zijlstra (29) regelmatig te horen. Ja dus. Staatssecretaris Van Rijn heeft een potje met geld gevonden. Gelukkig maar, vindt Zijlstra. De vrijwilligster weet hoe belangrijk een luisterend oor is voor wat kinderen bezighoudt. Dat varieert van een wiebeltand tot incest.
Lees hier het verhaal van Marije.
Een dienst duurt drie uur en is verdeeld in telefoon en chat. Als je niet zelf op pauze drukt gaat de telefoon en chat continue door. Het gespreksmodel en de checklists bieden houvast. “Als een kind vragen heeft over suïcidaliteit en je merkt dat je heel erg in een negatieve vibe zit, is het fijn om even wat positieve vragen te kunnen stellen. Bijvoorbeeld: stel je zit nu op 1 op een schaal van 1-10. Hoe zou je bij 2 kunnen komen?”
Lees hier het verhaal van Carmen.

Wil je vrijwilliger worden? Meld je dan hier aan.